Herderloos? Het werd meerdere keren tegen ons gezegd. Nog even en jullie moeten verder zonder herder. Mooi niet! Ja, als bedoeld wordt dat we op dit moment geen eigen predikant hebben, dan hebben ze gelijk. Wel herderloos, maar niet Herderloos! Deze Herder gaat niet met emeritaat. Hij gaat voor ons uit en wij mogen hem volgen omdat we Zijn stem kennen (Joh. 10). “Ik ben de Goede Herder en Ik ken de Mijnen en word door de Mijnen gekend; zoals de Vader Mij kent en ik de vader ken; in Ik geef Mijn leven voor de schapen”. Laat die Herder voor onze gemeente de Leidsman zijn!
Met hartelijke groet,
De kerkenraad

Dit is de laatste “Kerkbode” die ik voor u verzorg. Oud. H.N. Aantjes neemt dit werk van mij over. Stuurt u uw kopij voor `s maandags om 12.00 uur aan hem op. Dan hoeft hij niet heel de dag met dit na te lopen bezig te zijn. U heeft als gemeente er een eer in gesteld om, meer dan hartelijk, waardig afscheid van uw veertigste predikant sinds de reformatie te nemen. Wat ik u wilde zeggen, heb ik u gezegd. De vorige “Kerkbode” was al een beetje een “special” n.a.v. mijn afscheid. Met dank overigens aan mijn beste collega`s die zo onverdiend prijzend over mij geschreven hebben. Uw consulent is ds. H.J. van der Veen te Sliedrecht. Maar het is wel de bedoeling, dat het contact in principe loopt via uw scriba of wijkouderling. Ik wens de consulent zegen toe en wijsheid. Wat bent u als gemeente die, ook financieel, voor nogal wat staat goedhartig voor ons geweest en royaal. Wij danken u voor de post en soms de cadeautjes (ook van buiten de gemeente). Wij danken de commissie en allen die de commissie hebben bijgestaan bijv. ook met de techniek en het maken van het drukwerk en de foto`s e.d. en van wat er verder allemaal met zoveel liefde verricht is. Ik moet “afkicken” om het eens populair te zeggen, maar u ook. U heeft het er druk mee gehad. We zijn allemaal blij, dat alles in alle onderdelen van het afscheid zo mooi is geweest. Gemoedelijk en stijlvol tevens. Vaak was het ontroerend om te zien wie er m.n. met de afscheidsdienst ook waren! U heeft mij lang verdragen en ik heb het ook u proberen te doen. De kerkenraad staat voor heel wat. Wees bedachtzaam en wijs. Laat u nergens door leiden dan door God en Zijn woord. Dan zal de liefde van de Allerhoogste u overkomen. God houdt Zijn knechten (wees dat nederig en met ere) de handen boven het hoofd. Luister goed naar elkaar en leidt principieel en barmhartig de schapen van dit deel van Gods kerk. Want de kerk is de bruid. Hij zelf zal u wijsheid geven. Laten u en ik dit mogen overhouden: “Want Ik zal u niet verlaten totdat Ik gedaan heb wat Ik tot u gesproken heb!” (Gen. 28:15b). Ik eindig met waar ook het boekje “Kinderen van een Vader” mee eindigt:

God lijkt wel diep verborgen
in onze duisternis
maar schenkt ons toch een morgen
die vol van luister is.
Hij komt ons toch te stade
ook in het strengst gericht.
Zijn oordeel is genade,
Zijn duisternis is licht.

Mede namens mijn vrouw voor wie het ook heel bijzonder geweest is, en voor dit keer ook mede namens onze u dankbare kinderen naar wie u nog dikwijls belangstellend informeerde,
uw ds. J.A.H. Jongkind.

Wij wensen onze examenkandidaten sterkte toe bij het wachten op de altijd weer spannende uitslag! Ik heb begrepen, dat er voor degenen die mogelijk geen plaats in de kerk meer kunnen vinden de a.s. zondagmiddag er een klein kerkje met beeldverbinding en een ouderling of diaken en al in de “Wegwijzer” is. Er kunnen als u wat inschikt meer dan 300 mensen in de kerk. Dus het valt allemaal wel mee, denk ik. Maar u moet niet zeggen: “Ik blijf thuis en laat de gasten maar voorgaan”, want het is ons juist om u als onze gemeenteleden te doen! Wij zijn op het moment een kleine gemeente met veel mensen met veel zorgen. Laten wij proberen hen die, al is het maar met een kleine blijk van aandacht en liefde, te helpen dragen. Toen Johannes de apostel hoogbejaard was geworden, zegt het oude, vrome verhaal, kon hij niet meer preken, maar zei hij aan het eind van de dienst altijd nog: “Kinderen, heb elkaar hartelijk lief!” Graag zeg ik het mijn grote naamgenoot na. Nog een keer bezorgt u de kerkbodekopij (voor 12.00 uur aan de maandagmorgen) bij mij. Daarna kunt u bij onze scriba voor uw berichten terecht. Met een hartelijke groet, mede namens mijn vrouw,
uw ds. J.A.H. Jongkind.

Een paar stille werkers hebben de kerkportalen opgeverfd op het westen. En rondom de kerk is alles weer schoon geblazen. Ik vind het ontroerend hoe u er blijkt van geeft veel van onze gemeente en onze kerk te houden. Wij verheugen ons op de Hemelvaartsdag. Het is de dag van dat Hij voorgegaan is en wij eens Hem zullen volgen. Als opmaat tot het gedenken van de glorie van de Koning halen wij drie strofen aan uit het gedicht “Hemelvaart” van Willem de Mérode (1887-1939):

Nu weet ik, dat Gij zit ten troon
En van mij spreekt bij Uwen Vader.
O, wat komt nu mijn hart Hem nader!
Mijn Broeder is Zijn Zoon!

`t Is maar een weinig donkerheid.
`k Zie reeds der wolken randen
Van goud en zilver branden,
Wijl Gij er achter zijt.

Straks, plotseling, rijst Uw gezicht.
En ik zal met U blinken.
Mij overzinken
De stroomen van Uw licht.

Met een vriendelijke groet, mede namens mijn vrouw en de kerkenraad,
uw ds. J.A.H. Jongkind.

In januari schreven wij er in deze kolommen al over: op 5 jan. jl. was het vijftig jaar geleden dat ds. A. Talsma hier als jonge predikant is begonnen. De a.s. zondag hoopt hij hier in ons midden in aanwezigheid van zijn kinderen stil bij te staan. Hij vroeg me of ik het eerste gedeelte van de dienst voor mijn rekening zou willen nemen. Dat wil ik graag voor hem doen. Wij hopen op een goede en gezegende dienst. Met een vriendelijke groet aan u allen,
uw ds. J.A.H. Jongkind.

© Nederlands Hervormde Gemeente Brandwijk 2019 Inloggen