In dankbaarheid kijken we terug op de belijdenisdienst van zondagmorgen. Altijd weer een ontroerend moment. Jullie ja-woord heeft geklonken in Brandwijk en is gehoord in de Hemel. Fijn dat de familieleden en vrienden erbij konden zijn en wij als gemeente konden door goed videowerk alles mooi meebeleven. En nu, na de belijdenis? Belijdenis doen is niet eenmalig ‘ja’ zeggen, maar dat voortdurend blijven doen. We beloven op Jezus te blijven zien: trouw te zijn in bidden en Bijbellezen en ons actief in te zetten voor onze gemeente. Dat kan niemand vanuit zichzelf. God Zelf belooft hiervoor Zijn Geest en kracht te geven. In het Bijbelboek Hebreeën staat de oproep om trouw te blijven aan de belijdenis: “Nu wij dan een grote Hogepriester hebben, Die de hemelen is doorgegaan, namelijk Jezus, de Zoon van God, laten wij aan deze belijdenis vasthouden.” (Hebreeën 4:14). Na je belijdenis ben je ‘belijdend lid’ van onze gemeente. Dit houdt onder meer in dat je mag deelnemen aan het Heilig Avondmaal, stemrecht hebt en ambten binnen de kerk mag vervullen. We wensen jullie een gezegende tijd toe.
Hartelijke groet,
De kerkenraad

Handen. Al een hele poos doen we het niet meer: elkaar een hand geven. Wat doen we veel met onze handen. In de bijbel gaat het vaak over de handen van God. Heel vaak staat dat voor wat de Heere doet. Zijn hand is zijn macht. Psalm 118 bezingt die macht: “De rechterhand van de Heere doet krachtige daden”. En ook: “de rechterhand van de Heere is hoog verheven”. Ik denk aan de gemeenteleden die komende zondag belijdenis van het geloof afleggen: Colinda, Renske, Arjan. Liesbeth en Peter. Lang geleden legde de Heere, bij jullie doop, al Zijn Hand op jullie hoofd. Je werd ingelijfd, mocht bij Hem horen en Hij wil jullie Vader zijn. Zondag legt Hij Zijn hand weer op jullie en mag je opnieuw Zijn zegen ontvangen. God laat niet varen wat Zijn hand begon, ook in jullie leven. “Heer, U bent altijd bij mij, U legt Uw handen op mij, en U bent voor mij en naast mij en om mij heen, elke dag”.
Hartelijke groet,
De kerkenraad

‘Geen vader sloeg met groter mededogen…….’. Het was niet ‘zomaar’ dat er zondagmorgen door onze gastpredikant over ‘De verloren zoon’ gepreekt werd. En daarbij werd de blik gericht op ‘de Vader’. Weet u, als ik aan mijn jeugd terugdenk, dan zie ik mijn ouders voor me. Daar word ik warm van. Als ik met m’n vader op stap ging, mijn hand in zijn hand, dan voelde ik me intens gelukkig en veilig. Mij kon niets gebeuren, want vader was bij me. Dit heeft mij later geholpen om God als ‘Vader’ te zien. En…. Hij zorgt meer dan een vader kan zorgen en Hij troost meer dan een moeder kan troosten. Hij steekt Zijn doorboorde hand naar ons uit. Wij mogen onze hand in Zijn hand leggen. In zo’n Vader wil ik geloven, Hem wil ik dienen. Geloven is God liefhebben en graag bij Hem zijn. Zoals dat jongetje, dat de kamer van zijn vader binnenging die daar zat te werken. Toen vader hem zag, wuifde hij hem weg, want hij was juist aan het bellen. Een kwartier later ging de deur weer open en stond zijn zoon daar weer. Maar vader was net bezig met iets belangrijks en stuurde hem weer weg. Toen ging de deur voor de derde keer open. Toen vader hem zag, zei hij: “Nou, kom dan maar.” Schoorvoetend ging de jongen naar zijn vader toe, die hem op zijn schoot zette en zei: “Nou, zeg het maar, wat wil je me vragen’? Waarop het ventje antwoordde: ”Ik wil helemaal niets vragen. Ik wil alleen maar bij u zijn”. Kent u dat? Onze hemelse Vader heeft het nooit te druk voor ons. De deur staat altijd open en Hij heeft alle tijd voor u, de eeuwigheid zelfs. ‘Laten we daarom met vrijmoedigheid naderen tot de troon der genade, opdat wij barmhartigheid verkrijgen en genade vinden (Hebr. 4: 16).
Hartelijke groet,
De kerkenraad

Vol. Hoe maken we zoveel mogelijk plaatsen in de kerk? Daar zijn kerkenraden, kerkrentmeesters en kosters druk mee in de weer. Het zal voorlopig nog niet lukken om iedereen elke eredienst een plaatsje aan te bieden. We zijn, pijnlijk genoeg, begrensd in onze mogelijkheden. Niet begrensd in Zijn mogelijkheden is onze Heere God. Hij bereidt voor al Zijn kinderen een plaats. Hij zorgt ervoor dat Zijn huis vol wordt. Het gaat dan niet over de tempel, of de kerk, maar over de hemel. Jezus zegt: “Ik ga heen om een plaats voor u gereed te maken”. Door Zijn dood, opstanding en hemelvaart opent Hij een weg die wij niet konden en kunnen openen. De weg naar de hemel, naar het Vaderhart van God. Zo wordt het huis van Zijn Vader vol. De kerk noemen we de werkplaats van de Heilige Geest. Zondagavond keken we met onze gastpredikant naar de maquette boven de kerkdeur. Daar lazen we: “voor den christenen van Brandwijk en Gijbeland, tot eene oefenplaats van geloof, hoop en liefde’. Juist waar het Woord opengaat, wil de Heilige Geest werken. En waar de Geest werkt, worden zondaren gerechtvaardigd door het geloof en zo wordt Gods huis volgemaakt. Juist in onze kerk, in Gods huis, horen we de liefdevolle prediking: ‘Nog is er plaats!’. We worden steeds weer genodigd. De Heere wil ons erbij hebben. Gods huis wordt vol. Van zes, naar dertig tot honderd? Nee, naar een menigte die niemand tellen kan.
Hartelijke groet,
De kerkenraad

‘En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen’ (Hand. 2:1). De meeste mensen die wij spreken vertellen dat ze de kerkgang erg missen. Nu hebben wij als broeders van de kerkenraad geen klagen. Wij mogen op toerbeurt een dienst bijwonen. De bediening van het Woord gaat gelukkig wel door. En dat is een zegen. We nemen daar individueel aan deel of als gezin, maar niet meer als gemeente als geheel. Het christelijk geloof moet vooral samen beoefend worden. Niet voor niets belijden we ‘de ene algemene Christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen’. De bijbel gebruikt het beeld van een kudde voor de gemeente. Een kudde schapen vormt een eenheid omdat ze bij die éne Herder hoort en in die éne wei graast. De kudde is samengevoegd bij en door die éne Herder. Wat dacht u van het beeld dat Petrus in zijn algemene zendbrief geeft, van het gebouw dat bestaat uit levende stenen. Die stenen worden samengevoegd door de Hoeksteen, Jezus Christus. Die stenen zijn op de juiste wijze bij elkaar gevoegd en vormen samen één gebouw. Als je de stenen los van elkaar zou halen, wat houden we dan over? Gelukkig worden de mogelijkheden om samen te komen in Gods huis verruimd en we zien ernaar uit dat we later als hele gemeente elkaar weer in de kerk mogen ontmoeten.
Hartelijke groet,
De kerkenraad

© Hervormde Gemeente Brandwijk 2020 Inloggen