Ga naar de inhoud
Hervormde Gemeente Brandwijk
Hervormde Gemeente Brandwijk

Uit de Kerkbode

Laatste update: vrijdag 12 juli 2024

Meditatie Psalm 92:2a en 5

Met vreugde (reag)eren
‘Het is goed om de HEERE te loven…want U hebt mij verblijd, HEERE, met Uw daden, ik zal vrolijk zingen over de werken van Uw handen.’ – Psalm 92:2a en 5

In de vorige kerkbodes ging het over het aandachtig leren luisteren naar de prediking van het woord, en over het samenspel, de dialoog, tussen gemeente en voorgangers. Leerzaam hoe wij aangespoord werden om voor, tijdens en na de kerkdienst ons te richten op de Heere en op wat Hij ons te zeggen heeft en ons geeft. Dat we bidden dat de Heere centraal wordt gesteld, en we de dienaren van de Heere dat als het ware toeroepen. Dat we ons inspannen om nederig te luisteren en actief mee te doen, vanuit het besef dat de Heere via de Schriftlezing, de liederen, de gebeden, de sacramenten en via de mond van de predikant, die Hem looft, spreekt. Het is rijk en genadig dat de Heere in de eredienst zó tot ons spreekt. Dat Hij ons laat horen en zien hoe Hij is, én ons zegent. De kerkdienst bevat dan ook alle ingrediënten om ons ertoe te brengen dat wij in de Heere (gaan) geloven én dat wij Hem gaan loven. Dat wij op zo’n manier luisteren en meedoen dat wij positief en groot gaan denken over de Heere. Dat we onder de indruk raken van Hem en van wat Hij gedaan heeft.
Wat doen wij als we onder de indruk zijn van iemand of van wat iemand gedaan heeft? Dan denken we daar veel aan, praten we daar positief over met anderen, raken we er in soms niet over uitgepraat. Soms zingen we zelfs liederen voor of over diegene: een liefdeslied, een danklied tijdens een jubileum of een lied voor je sportheld(en). Dan ben je diegene(n) aan het loven. Zo horen wij ook te reageren op wat wij horen en ontvangen van de Heere: dan ben je Hem aan het loven en eren. De kerkdienst is namelijk een eredienst.
Psalm 92 zegt ons: ‘het is goed de Heere te loven.’ Dit is een lied voor de sabbat: voor de rustdag waarop Gods volk samenkomt voor de eredienst. We worden opgeroepen om juist dan de Heere te loven; met elkaar vrolijk te spreken en te zingen over Zijn grote daden. Daar zijn meer dan genoeg redenen voor. Zijn daden zijn groot (vers 6). Als het in de Bijbel over Gods grote daden gaat, betreft dit altijd Zijn machtig handelen t.b.v. de verlossing van Zijn volk/gemeente. In Zijn daden laat Hij zien dat Hij rechtvaardig is en zondige opstandigheid terecht straft (vers 7-10). Maar uit Zijn daden blijkt ook dat Hij goedertieren en trouw is (vers 3); dat Hij ondanks onze zonden en gebreken heel veel van Zijn verbondskinderen houdt en trouw blijft aan wat Hij in het verbond beloofd heeft. Dat zijn dingen om je terecht over te verbazen en te verwonderen. Gods daden zijn ontzagwekkend groot en genadig. Daarin toont Hij ons hoe Hij is. Hoe anders Hij is dan wij. En hoe rechtvaardig en genadig Hij met zondige, opstandige mensen omgaat.
Dat zien we vooral in Jezus Christus. Hij heeft bij uitstek laten zien hoe God is. En hoe groot zijn Zíjn daden! Door Zijn daden heeft Hij voor ons gerechtigheid, heiligheid en de eeuwige verlossing verworven. God schenkt ons dat om niet (‘gratis’) vanwege Hem. Daarom moet het in de eredienst ook altijd over Jezus Christus gaan en over wat Hij voor ons heeft gedaan en verworven. Want als er iets is waarover we zouden kunnen zeggen: ‘U hebt mij verblijd, Heere, met Uw daden’, dan is het wel wat Christus voor ons gedaan heeft. Dat is zo uitzonderlijk, zo genadig, zo rijk, zo groot, dat dit genoeg aanleiding zou moeten geven om ons er eeuwig over te verwonderen en te verheugen. Tegelijkertijd kan het nog zover van ons afstaan, of zo bekend klinken, zo gewoon zijn geworden, dat die verwondering en vreugde er vaak niet of nog niet zijn.
De Heilige Geest wil vooral de eredienst en in het bijzonder de verkondiging gebruiken om deze verwondering en vreugde op te wekken in ons hart. Met als doel dat we (weer meer) op de Heere gaan vertrouwen en het verlangen krijgen ‘om de Heere te loven’ en ‘vrolijk te zingen over de werken van Zijn handen’. Dat geeft Hij in de weg van je biddend voorbereiden, meedoen en aandachtig luisteren (zoals beschreven in de vorige kerkbodes). En daar voeg ik als praktische tip nog aan toe: bedenk hoe bijzonder het is wat de Heere gedaan heeft én dat Hij dat ook voor u/jou gedaan heeft of doen wil. En bedenk waarom dat zo bijzonder is. Als je dáár met hulp van de Geest voor, tijdens en na de dienst langer over na leert denken, zul je vroeg of laat met verwondering en vreugde reageren op wat je in de dienst hoort, leest, zingt en ontvangt. Dat zal ertoe leiden dat je positief en groot over de Heere gaat denken, met een dankbaar en blij hart met en over Hem gaat praten, en over of voor Hem gaat zingen. Dan ben je Hem aan het loven en eren.
Ds. Speksnijder

Zondag 14 juli 2024

09.30 uur ds. J. Speksnijder (1 Sam. 6:13-7:1)
18.30 uur ds. A.C. Borsje te Zwartebroek
Zingen voor de dienst: Ps. 105:1 en 3 en Ps. 42:5 en 7.
Organisten: dhr. Wim Stolk en dhr. Marnix van Leeuwen.
Oppas: Renske Mourik en Naomi Schreuders.
Collecten: Eerste collecte: Kerk en Diaconie; Tweede collecte: Algemene Middelen van de Kerk.

Tienerkamp

Van 15-19 juli hoopt onze tienerclub op kamp te gaan. Bestemming is de mooie gemeente Buren in de Betuwe. De reis wordt per fiets gemaakt. Thema van de week is; ‘Een hart als Jezus’. Het vertrek is rond 9.15 vanuit de Wegwijzer. De leiding vraagt gebed om bewaring en leiding van de Heilige Geest.

Zomergezinsboekjes

Ook voor deze zomer is er door de GZB, IZB en HGJB weer een zomergezinsboekje gemaakt. Het is een boekje voor de vakantie vol bijbelverhalen, puzzels, gebedspunten en iets om over door te praten. De gezinnen met kinderen op de basisschool vinden het boekje deze week in hun brievenbus.

Vakantie

De schoolvakantie breekt voor veel jongeren weer aan. Een periode van rust. Het was voor de kinderen en jongeren, alsook voor de meesters en jufs een druk jaar. Het lijkt wel of elk jaar de lat weer iets hoger gelegd wordt. Het is al een puzzel om de meegebrachte rapporten te ontcijferen. Gelukkig kunnen de kinderen ons daarbij een handje helpen. Een financieel meevallertje zit er dan meestal ook wel in. Maar nu even zes weken niet aan school denken. Toch mogen we dankbaar zijn voor het christelijk onderwijs in ons dorp (en land). We bidden of God door de leerkrachten heen Zijn Woord bij de kinderharten wil brengen. Misschien als je terugkijkt, zijn er ook wel redenen tot gebed. Wat belangrijk als je zo dankend en biddend het jaar mag afsluiten. Ook de jongelui wensen we een goede vakantie. Gods licht toegebeden als je belangrijke (studie)keuzes moet maken in je leven. En besef tegelijk, hoe belangrijk de resultaten en doelen die we voor ogen hebben ook zijn, het gaat ten diepste om een ander resultaat: tot doel en bestemming komen in Gods Zoon. ‘Bid zonder ophouden, dank God in alles’. Want dit is de wil van God in Christus Jezus voor u. Dan komt heel ons leven met al zijn keuzes onder Zijn vaandel te staan. Allen een goede vakantie en een behouden terugkomst toegewenst!

Ten slotte

In Italië stond lang geleden een toren – een toren met een klok erin. Die was neergezet door de koning. Die klok heette ‘de klok van gerechtigheid’. De koning had gezegd: iedereen die onrecht is aangedaan, mag de klok luiden en daarmee de magistraat van de stad oproepen om zijn zaak te onderzoeken. In de loop van de tijd was het onderste deel van het touw weggerot en dat werd vervangen door een stuk van een wilde wijnstok. Op een dag liep een erg mager paard de toren binnen en begon aan het stuk van die wijnstok te knagen. Gevolg was dat de bel begon te luiden. Toen de magistraat bij de toren kwam, zag hij het oude, verwaarloosde paard. Hij zei niet: het is maar een paard. Nee, hij zei: Het paard heeft gebeld, hem moet recht gedaan worden. De magistraat en zijn helpers achterhaalden de eigenaar van het paard en deze kreeg de opdracht om voortaan ervoor te zorgen dat het paard voldoende voedsel, drinken en onderdak kreeg. De Heere, de grote Koning, heeft in onze wereld ook torens, gebedshuizen met klokken neergezet. Iedereen, dus ook de meest onkundige, onbetekenende, zondige mens, mag de bel luiden; en als je de bel in geloof en met verwachting luidt, zal de Koning horen. Want ieder die bidt, die ontvangt; wie zoekt, die vindt; en voor wie klopt zal opengedaan worden. Van harte Gods zegen toegewenst, van huis tot huis,
De kerkenraad

Alle Kerkbodeberichten