‘Toen liet hij Barabbas voor hen los, maar nadat hij Jezus gegeseld had, gaf hij Hem over om gekruisigd te worden’ – Matheus 27:11-26

Waarom noemen we deze dag goed?

De hogepriesters en de oudsten van het volk zijn al vroeg opgestaan om Jezus ter dood te veroordelen. Daar hadden ze niet veel tijd voor nodig. Alleen moest hun veroordeling nog wel worden goedgekeurd door Pilatus, die de Romeinse bezetter in Jeruzalem vertegenwoordigde. Nu staat Jezus daar, tegenover de Romein in wiens hand zijn lot rust. Het wordt een soort schijnproces, waarvan vanaf het begin geen goede gronden zijn om Jezus ter dood te veroordelen. Maar het moet toch gebeuren. Er staan te veel belangen op het spel.

Pilatus moet de Joodse leiders te vriend houden. Zijn gezag is beperkt. Je merkt aan alles dat hij twijfelt. Pilatus herhaalt de beschuldigingen van de priesters en de oudsten die Jezus aan hem uitleverden. Maar Jezus zwijgt. Verdedigt zichzelf niet. Rechtvaardigt zichzelf niet. Pilatus verwondert zich hierover en twijfelt nog meer.

Dan is er ook nog dat bizarre bericht dat zijn vrouw over Jezus heeft gedroomd. Ze waarschuwt hem zijn handen niet aan Jezus te branden. Pilatus, de Romeinse prefect zit klem. De druk van de Joodse leiders en het volk dat door hen is opgejut, is groot. Dan verzint hij een list. Hij zal het volk laten kiezen. De gewoonte die Mattheüs noemt om jaarlijks op het Pesach-feest een gevangene los te laten, is in buiten Bijbelse bronnen niet terug te vinden. Misschien is het wel door Pilatus zelf bedacht. En dan denkt hij aan een beruchte rebellenleider, een lastpak, een rover met bloed aan zijn handen. Jezus-Barabbas is zijn naam. Hij heeft dus dezelfde naam: Jezus. Dat was in die tijd best wel een gangbare naam.

Barabbas betekent: zoon van de vader. Een hele algemene naam. Dat kan ongeveer iedereen zijn. Want ieder mens is kind van zijn vader. Mensenkind is hij. Hoe ironisch is dat? Tegenover elkaar staan Jezus, zoon van de vader en Jezus, de Zoon van de Vader. De laatste met een hoofdletter. En het verschil zit hem in die hoofdletter. Want waar Barabbas kind van zijn tijd en kind van de wereld is, is Jezus de eniggeboren Zoon van de Hemelse Vader. Het mensenkind, vertegenwoordiger van alles wat er mis is in deze wereld en wat er fout kan gaan in een mensenleven en de Zoon van God die als eerste en enige in deze wereld heeft laten zien wat het betekent om echt zuiver mens te zijn in een open relatie met de Hemelse Vader.

Wat niet mag gebeuren, maar ook moet gebeuren is dat Barabbas, het mensenkind wordt vrijgelaten en dat Jezus wordt veroordeeld en gedood. Kruisig Hem, weg met Hem. Pilatus beseft helemaal niet wat de diepe betekenis van dit hele gebeuren is. Hij doet maar wat. Is druk bezig zijn eigen positie veilig te stellen. Geeft de woedende Joden hun zin en wast zijn handen in onschuld. Maar zonder het te weten laat Pilatus hier zien wat de diepe betekenis van de kruisiging zal zijn. Dat de Zoon van God sterft en het mensenkind leeft. Ik ben Barabbas, ik ben niet de mens die God bedoeld heeft. Ik leef vaak onder de maat, kom aan alle kanten te kort. Ik ben Barabbas. Ik mag in vrijheid leven omdat Jezus mijn plaats heeft ingenomen. Eens en voor altijd.

Op Goede Vrijdag mag ik stil staan bij die wonderlijke ruil voor mijn leven.

De kerkenraad