In de serie “Klassiek licht” is kortgeleden een herdruk uitgekomen van het nog altijd beroemde werkje “De gevaren van de doperse geestesstroming” van ds. J.G. Woelderink. Woelderink heeft destijds veel stof op doen waaien in m.n. de “rechtse” hoek van de kerk. Als ik zijn boeken lees, bespeur ik aan de ene kant, dat hij meestal (althans in mijn beleving) heel raak heeft gesproken en dat er in de kring van de Geref. Bond uiteindelijk veel is overgenomen van hem. Maar ik proef aan de andere kant, dat hij ontzettend scherp was. En het is bekend, dat je daar geen vrienden mee maakt. Maar je kunt zonder alles zomaar van hem over te nemen van Woelderink veel leren. Dat geldt ook het citaat, dat mij trof met het oog op de a.s. voorbereiding en dat u in het genoemde boekje op blz.123 aantreft: “De mensen hebben er helemaal geen hekel aan als de prediking aandringt op het zelfonderzoek. Ze hebben geen afkeer van dit werk. Zichzelf onderzoeken doen ze graag, veel liever dan door het licht van het Woord onderzocht te worden. Als ze zelf de lamp van het Woord in de hand nemen om zich te onderzoeken, kunnen ze enkele schuilplaatsen gerust overslaan”. Wat liefelijker zou je dit over kunnen zetten als: “Mensen, geef u nu maar helemaal over. En doe het a.u.b. zelf niet. Maar laat God het maar doen!” Met een vriendelijke groet,

uw ds. J.A.H. Jongkind.