Ga naar de inhoud

Ten slotte

Steun. Als je vaker in een zorgcentrum komt, kun je er niet omheen. In elke kamer staat er wel een. Ik bedoel de rollator. U weet wel: zo’n soort winkelwagentje zonder bak. Wat een uitkomst. De bewoners lopen er een rondje mee op de gang of zelfs even naar de markt in het dorp voor een boodschapje. En als je halverwege moe wordt, ga je erop zitten en rust je wat uit. Die rollator is echt hun steun en toeverlaat. Het geeft houvast. Anders kun je niet meer op pad. Hij is niet meer weg te denken uit ons wagenpark. Iemand zei eens: ‘als ik mijn rijbewijs ingeleverd heb, wordt dat mijn laatste karretje’. Je kunt er om glimlachen, maar toch… Toen ik dat zo aanzag, dacht ik: en hoe zit dat met ons? Waar steunen wij op? Waar houden wij ons aan vast op onze levensreis als het moeilijk wordt, als we uit evenwicht raken? Je moet toch iets hebben om op te steunen. Op ons mooie huis, onze dikke portemonnee, onze prachtige baan? Dat ‘iets’ valt vaak tegen. Biedt geen echte steun. We moeten ‘Iemand’ hebben om op te steunen. Kent u dat lied “Vaste rots van mijn behoud”? De Heere wil die Rots voor u zijn. In Jes. 41 lees ik: “Wees niet bevreesd, want Ik ben met u, wees niet verschrikt, want ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand”. Als we op onze reis door dit leven mogen leunen en steunen op het kruisoffer van de Heere Jezus, dan zijn we verzekerd van een veilige reis en een behouden THUIS komen. Van harte Gods zegen toegewenst, van huis tot huis,
De kerkenraad