Ga naar de inhoud

Ten slotte

Zien. Ja, in Brandwijk hebben we er ook een. Als je ogen wat minder worden, ga je er naar toe. Een winkel waar je ogen opgemeten worden. Soms een plusje, soms een minnetje. En als de glazen geslepen zijn, zie je weer scherp. Fijn dat dat kan. Ik denk aan Izak. Twintig jaren zat hij blind (staar?) in zijn tent. We mogen dankbaar zijn voor de moderne wetenschap en techniek. En toch… soms zijn we ziende blind. Naast onze natuurlijke ogen gaf de Heere ons ook geestelijke ogen. En die kunnen ook verduisterd zijn. Dan zijn we het zicht op onze Hemelse Vader kwijt. Vorige week haalde onze gastpredikant het verhaal van Elisa in Dothan aan. De stad is belegerd. De inwoners zitten als ratten in de val. En de knecht van Elia is als een dood vogeltje, ziet geen uitkomst meer. “Toen hij naar buiten ging, zag hij een leger met paarden en strijdwagens die de stad omringde. Toen zei de knecht tegen Elisa: Ach, mijn heer! Wat moeten wij doen? Hij zei: Wees niet bevreesd, want die bij ons zijn, zijn méér dan die bij hen zijn. En Elisa bad en zei: Heere, open toch zijn ogen, zodat hij ziet. En de Heere opende de ogen van de knecht, zodat hij zag; en zie, de berg was vol paarden en strijdwagens van vuur rondom Elisa”. God opent de ogen van de knecht. Hij ziet wat hij eerder niet zag. Hij ervaart de aanwezigheid van God en ziet de hemelse legermachten. Mooi hè? En hoe is dat bij ons? Een ouderling bad in het consistoriegebed voor de dienst: Heere, open de ogen van ons hart, opdat we U mogen zien. Laat het ons aller gebed zijn: Heere, geef ons ogen van geloof, zodat we u mogen zien in Uw Woord en Uw engelen rondom ons. Wat een genade als we dat gebed verhoord zien. En de Heere? Hij ziet ons, Hij kent ons en houdt van ons. “Mijn oog zal op u zijn’, belooft Hij. Zo kunnen we verder.

Des Heeren engel schaart
Een onverwinb’re hemelwacht
Rondom hem, die Gods wil betracht:
Dus is hij wel bewaard.

Van harte Gods zegen toegewenst, van huis tot huis,
De kerkenraad