‘En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen’ (Hand. 2:1). De meeste mensen die wij spreken vertellen dat ze de kerkgang erg missen. Nu hebben wij als broeders van de kerkenraad geen klagen. Wij mogen op toerbeurt een dienst bijwonen. De bediening van het Woord gaat gelukkig wel door. En dat is een zegen. We nemen daar individueel aan deel of als gezin, maar niet meer als gemeente als geheel. Het christelijk geloof moet vooral samen beoefend worden. Niet voor niets belijden we ‘de ene algemene Christelijke kerk, de gemeenschap der heiligen’. De bijbel gebruikt het beeld van een kudde voor de gemeente. Een kudde schapen vormt een eenheid omdat ze bij die éne Herder hoort en in die éne wei graast. De kudde is samengevoegd bij en door die éne Herder. Wat dacht u van het beeld dat Petrus in zijn algemene zendbrief geeft, van het gebouw dat bestaat uit levende stenen. Die stenen worden samengevoegd door de Hoeksteen, Jezus Christus. Die stenen zijn op de juiste wijze bij elkaar gevoegd en vormen samen één gebouw. Als je de stenen los van elkaar zou halen, wat houden we dan over? Gelukkig worden de mogelijkheden om samen te komen in Gods huis verruimd en we zien ernaar uit dat we later als hele gemeente elkaar weer in de kerk mogen ontmoeten.
Hartelijke groet,
De kerkenraad