Het verhaal van de Emmaüsgangers is overbekend. Vaak ook het thema van een dienst na Pasen. De twee mannen (de naam van één man is bekend: Kleopas) liepen 60 stadiën. Nu is een stadie honderdvijfentachtig meter. Dus u kunt berekenen hoever zij moesten lopen: ruim elf kilometer. Ze waren druk in gesprek. Geen wonder. Jezus was gekruisigd. Ze hadden verwacht dat Hij koning zou worden. Nu was alles over. Enige vrouwen vertelden dat Hij was opgestaan, dat Hij weer leefde. Ze begrepen er niets van. We weten hoe het verhaal afloopt. Afgelopen maandag hebben we aan den lijve kunnen ondervinden wat het is om van Jeruzalem naar Emmaüs te gaan. Enkele enthousiaste gemeenteleden hadden voor de paasmaandag een Emmaüswandeling uitgezet. Een route door ons dorp. Hier en daar waren posten uitgezet waar we werden getrakteerd op iets lekkers. Nogal een aantal gemeenteleden hebben de route gewandeld, anderen pakten de fiets. Ook goed. Was het voor ons een tocht vol met verrassingen, de Emmaüsgangers deden de ontdekking van hun leven: ze ontmoetten een vreemde, hadden een goed gesprek met Hem en toen God hun ogen openden, zagen ze dat het de opgestane Heer was. Het veranderde hun leven totaal. Denkt u stiekum ook weleens: ik zou zo graag de Heere Jezus eens ontmoeten? Dat zou wat zijn! Maar dat kan niet, hoeft ook niet. We mogen Hem dagelijks zien als we het Woord openen.